UPDATE : Willie Mitchell overleden

 

 

Image

 

Willie Mitchell, die stierf op 81 jarige leeftijd, was een ikoon in de Memphis muziek. Als producer, arrangeur en soms mede-schrijver, lag hij aan de grondslag van de carrieres van de soulzangers OV Wright, Otis Clay, Ann Peebles en heel speciaal Al Green. Uit zijn kleine studio op 1320 South Lauderdale kwamen ook OV Wright's "A Nickel and a nail", Ann Peebles "I can't stand the rain" en "I'm gonna rear your Playhouse down", Syl' Johnson's "Take me to the River"en Al Green's "Let's stay together"- allemaal opnames die nu beschouwd worden als de onvergetelijke classics of soul music.

Hij werd geboren in het kleine noord Mississipi dorp Ashland, studeerde Mitchel  aan het Rust College dichtbij Holly Springs, waar hij trompet leerde. Zijn  modellen waren de jazz-fenomenen Fats Navarro and Clifford Brown, maar zijn eigen richting ging een beetje een andere kant uit. In 1954, na zijn legerdienst, ging hij in Memphis wonen, waar hij het orkest leidde in de Manhatten Club en de vaste band van huis van het Blues label. In 1961 begon hij voor het Hi Records label, een Memphis onafhankelijk label dat een zeer grote invloed had op de jukebox muziek met funky instrumentals.

Mitchell had een aantal kleinere eigen hits tijdens de sixties in hetzelfde genre zoals "Buster Browne" en "Soul Serena", en over de jaren heen zou hij nog meer dan een dozijn instrumental albums uitbrengen. Doch zijn positie bij Hi veranderde stilletjes aan naar de andere kant van de controle kamer, daar hij sessies superviseerde en ook een speciale rhythm sectie creeerde voor de drummer Al Jackson en de Three Hodges Brothers, Charles, Teenie en Leroy. In 1970, wanneer de meesten van Hi's originele partners gestorven waren of niet meer in de business zaten, werd Mitchell de Company's Executive Vice-President en stopte met te toeren als bandleider. Het volgende jaar ontmoette hij Al Green en zoals de muziek historicus Charlie Gillet schreef  in The Sound of the City "hij gebruikte al zijn ervaring om een serie van meesterlijke uitvoeringen te verzilveren in de vroege zeventiger jaren. Uiteindelijk vond de soul muziek een unieke ster met Al Green, die de volledige doorbraak vond in de pop stations en bij de luisteraars, zonder zijn zwarte fans van rhythm and blues te verliezen".In de late zeventiger jaren verwisselde Al Green het Soul zingen voor Soul saving. Met dit verlies aan de kerk ging Hi failliet en werd verkocht. Mitchell - die de studio hield - was toen internationaal bekend voor zijn kunde en zijn blues-gebazeerde muziek met tinten van orchestrale snaren en trompet, zonder de originele sound te verliezen. In 1975 hielp hij mee zowel als producer als ingenieur aan Rod Stewart's album "Atlantic Crossing", en tijdens de volgende drie decenia werd hij regelmatig ingehuurd door artiesten die wisten dat hij de nodige atmosfeer kon brengen bij een opname - onder hen waren zeker Tina Turner, Keith Richard, Memphis bluesman Preston Shannon en de schotse band Wet Wet Wet, die hun eerste album uitgaven tijdens 1987.

Hij vernieuwde zijn relatie met Al Green midden jaren 80, waarbij hij het album Going Away produceerde, en ook in de 21ste eeuw werkten ze samen aan de albums I Can't Stop en Everything OK.Tijdens 2004 werd de strook van South Lauderdale met inbegrip van Mitchell's Royal Studios hernoemd als Willy Mitchell Boulavard. De omgeving mag dan wel veranderd zijn in de laatste 30 jaren, doch de gebouwen zijn weinig aangepast: de studio is nog steeds een klein "gaan-en-komen" plaatsje, met nog steeds hetzelfde vloerkleed. Doch duizenden uren van fantastische muziek zijn daar in muren verscholen en de plaats voelt aan als de kathedraal van de Soul. Of misschien kunnen we het zelfs een "familie huisje"noemen. "Willy is zoals mijn broer of mijn vader" zei Al Green recentelijk. "Hij behandelde mij als een zoon" zei Otis Clay. "Ik leerde zoveel van hem... hoe te overleven in een business die niet altijd zo vriendelijk is"Mitchell zal zeker wel gereageerd hebben op die laatste uitlating in de zin van : "deze business, mens, is niet zo hard". Dit zei hij geregeld... "Als je er het hart en oren voor hebt, maak je het wel. Dat is alles wat je nodig hebt"...  In 2008 ontving hij de "lifetime award" van de Gramma Foundation. Niettegenstaande hij het dagelijkse bestuur had overgegeven aan zijn kleinzoon Lawrence ("Boo"), bleef hij dagelijks binnenspringen en bleef hij werken aan verschillende projekten, inclusief een nieuw album van Salomon Burke, tot hij het kalmer aan moest doen vorige september door een gebroken heup. Hij overleefde zijn dochters Yvonne en Lorrain, zijn stiefzoon Archie Turner, zijn kleinzoons Archie en Lawrence, kleindochter Oona en negen overkleinkinderen... Een grote HEER!!! en ook leverancier van Popcorn muziek....Daarom deze ode aan hem.

*** met dank aan Paul Vande Casteele voor de vertaling van dit artikel en Marc VDB, ex-dj The Kings voor het aanbrengen ervan.