Prince Buster Life in Lokeren

 

 

Image

Het optreden van Prince Buster was een schot in de roos op de Lokerse Feesten. Langs deze weg een dank u wel aan de organisatie om het ter beschikking stellen van de foto's. Meer info op http://www.lokersefeesten.be

De foto's zijn online in de fotogallerij...


“Ik was de stem van het volk” (Prince Buster)

Prince Buster heeft naar eigen zeggen de ska uitgevonden en de archetypische Jamaicaanse sound system gedefinieerd. Dit jaar 69 geworden, staat hij dinsdag pas voor het eerst op een Belgisch podium. Lokerse Feesten, 7/8, 20u. Met als toetje Zita Swoon en Arno.Als het waar is wat hij zelf beweert, heeft niemand meer invloed uitgeoefend op de ontwikkeling van de Jamaicaanse popmuziek dan Prince Buster (Cecil Campbell). Het ritme van de ska zet tot vandaag wereldwijd mensen aan het dansen én werd later vertraagd tot reggae, een genre dat zo mogelijk nog meer en langduriger succes kent.

ImagePrince Buster oversteeg ook als eerste de grenzen van het eiland, met een Brits platencontract, en initieerde eind jaren 70 de Two Tone-rage rond The Specials (eerste hit: een cover van Busters Al Capone), Madness (genoemd naar een andere klassieker van de prins) en andere punkskagroepen. “Madness was cool,” zegt hij. “Ik heb zelf tegen Suggs en zijn maats gezegd dat ska the next big thing zou worden.” Minder bekend maar even ingrijpend was de rol die Prince Buster heeft gespeeld in de opgang van de nu zo dominante sound systems. “Eerst, begin jaren 50, had je alleen Tom The Great Sebastian, de allereerste sound system van het land. Dancehall (een woord dat ook toen al gebruikt werd, KM) was in die dagen nog een leuk avondje uit. Er werd nooit gevochten, laat staan geschoten. Maar toen kwam Duke Reid, en die huurde volk in om de andere sound systems hardhandig het zwijgen op te leggen. Hij was de koning van de dancehall, maar niet omdat hij de beste muziek draaide. Met Duke Reid heeft het geweld zijn intrede gedaan in de dancehall. Very rough times indeed! Ook zijn grote concurrent Coxsone Dodd was niet veilig. Ik heb hem nog vaak moeten bijstaan wanneer de Duke weer eens op oorlogspad trok.”Coxsone Dodd en Duke Reid, die later zouden uitgroeien tot de belangrijkste producers van Jamaica, speelden in de jaren 50 nog overwegend rhythm and blues. Prince Buster: “Ze hadden geld om iedere maand naar de Verenigde Staten te gaan en daar de nieuwste platen te kopen, die ze in Jamaica dan exclusief konden laten horen. Ik had ook best naar Amerika willen gaan maar ik kreeg geen uitreisvergunning. Omdat ik net als zij exclusieve platen wilde draaien, heb ik dan maar besloten om zelf muziek op te nemen. Drumbago (al 55 jaar de drummer van The Skatalites, KM) had toen een band die in een club mento en jazz speelde, maar ’s nachts, na het sluitingsuur, repeteerden ze de muziek die ik hen voorspeelde. Zo is de ska ontstaan. Eerst begrepen de muzikanten niet goed waar ik naartoe wilde met dat nieuwe ritme, maar die muziek heeft Coxsone en Duke Reid wel het nakijken gegeven.”Het ritme van de ska spookte al veel langer door zijn hoofd. “Als kind was ik gek op marsmuziek, om die reden liep ik graag mee met begrafenissen. Ik denk dat dat ritme altijd in mijn hoofd is blijven hangen, tot ik het vermengd heb met rhythm and blues. In het nummer They got to go zong ik zelfs letterlijk dat de tijd van de traditionele r’n’b voorbij was. Het was oorlog in de dancehall en wij moesten met iets nieuws komen om de vijand te verslaan. In die termen moet je de opkomst van de ska zien.”Prince Buster was ook de eerste producer die authentieke rastadrummers naar de studio haalde. Oh Carolina zou dertig jaar later een wereldhit worden in de uitvoering van Shaggy, een succes dat Prince Buster nog een behoorlijke duit heeft opgeleverd, maar in 1961 wekte het nummer overwegend verontwaardiging op in Jamaica. De twee radiostations weigerden de plaat zelfs te spelen. Rasta’s werden nog beschouwd als raaskallend uitschot en hadden zeker geen rol te spelen in het culturele leven van Jamaica, vond de goegemeente. Prince Buster is zelf een moslim maar hij had een afkeer van onrecht en zijn ouders waren aanhangers van Marcus Garvey, de zwarte dominee die in het begin van de 20ste eeuw de eerste Afro-Amerikaanse bewustzijnsbeweging op gang trok. “Ik geloof dat er maar één God is voor de hele mensheid en dat geen enkele man God kan zijn. Geen andere man kan beter zijn dan mij, een gewoon lichaam kan ik onmogelijk aanbidden. Bob (Marley) heeft me vaak proberen te bekeren, maar het is hem nooit gelukt. Maar ik vond ook dat de rasta’s ten onrechte geminacht en gediscrimineerd werden. Zeker muzikaal hadden zij ons heel wat te bieden. (Drummer) Count Ossie kende ik al van kindsbeen, we hebben nog samen in de bomen geklommen. Ik vond het heel normaal dat ik hem uitnodigde in de studio. Tegelijk wist ik natuurlijk dat de plaat de nodige ophef zou veroorzaken. Ook die nyahbinghi drums waren een nieuwigheid in de dancehall. Hoewel ik mijn inspiratie altijd gezocht heb bij de gewone mensen. De naam van mijn sound system verwoordde perfect waar het bij mij altijd om draaide. Ik was de Voice of the People.”