Artikelen - Motown - Deel 2

De bloeiperiode (1964-1971)

Dat laatste veranderde snel toen The Supremes onder hoede kwamen van het productieteam Holland-Dozier-Holland (H-D-H), bestaande uit de broers Brian en Eddie Holland en Lamont Dozier. Zij waren het die in de jaren vanaf 1964 als geen ander het Motown-geluid vormden. Het waren de gevestigde namen die voor de successen zorgden en die in het midden van de jaren zestig ook trouw bleven aan Motown. De topzangeressen Mary Wells, Brenda Holloway en Kim Weston vertrokken met ruzie, maar daartegenover stonden nieuwe ontdekkingen als Stevie Wonderen Tammi Terrell, die een succesvolle zangpartner werd van Marvin Gaye. Aan het eind van de jaren zestig deed Motown ook een gouden greep door de lancering van de Jackson 5.

Supremes

Where Did Our Love Go was de eerste nummer 1-hit voor The Supremes en het bleek de eerste te zijn uit een serie van vijf opeenvolgende Amerikaanse nummer 1-noteringen. Ook andere artiesten haalden in de volgende jaren de Amerikaanse top van de singleverkoop, maar The Supremes waren veruit het meest succesvol, zoals blijkt uit onderstaand staatje:

Berry Gordy bleef de stuwende kracht achter het succes van Motown en werd ook als zodanig erkend. Hij ontving in 1965 de "Small Businessman of the Year Award" van de burgemeester van Detroit: Motown had de omzet zien groeien van $ 4,5 miljoen in 1963 via $ 10 miljoen in 1964 naar $ 15 miljoen in 1965.[1] Achter de hierboven genoemde artiesten stonden de ijzersterke songwriter/producer-combinaties die zorgden voor een continue stroom van nieuw materiaal. De composities van Holland-Dozier-Holland en Smokey Robinson leidden tot grote hits, maar ook Harvey Fuqua, Johnny Bristol, William "Mickey" Stevenson, William Weatherspoon en later Norman Whitfield en Ashford & Simpson leverden belangrijke bijdragen aan het succes.

Bijna alle opnamen waren gebaseerd op instrumentale mastertapes, waarvoor Gordy de beste jazzmusici van Detroit had aangeworven. Deze groep sessiemuzikanten, die zich The Funk Brothers noemde, speelde de nummers in. Het vocale aandeel werd pas later ingezongen door de sterren als The Supremes, The Four Tops, Marvin Gaye, Stevie Wonder en anderen. Als achtergrondkoortjes werden drie zangeressen, The Andantes ingezet, en hun mannelijke tegenhangers The Spinners en iets later The Originals. Dit gebeurde anoniem. Geen van deze groepen werd in de credits vermeld, maar ze zijn op talloze Motown-opnamen te horen. Door deze eenheid van uitvoerenden ontstond de typische Motown-sound. Om die te bewaken werd The Funk Brothers ten strengste verboden om zelfstandig op te treden of voor andere producenten te werken. Dat deden ze overigens wel, zodat Gordy hen liet schaduwen door privédetectives.

In 1967 werd het gebouw op West Grand Boulevard te klein en verhuisde het hoofdkantoor van Motown naar het Donovan-gebouw in het centrum van Detroit. Voor sommigen markeerde deze verhuizing het einde van het oorspronkelijke Motown, getuige bijvoorbeeld de uitspraak van The Temptations-zanger Paul Williams: "Hitsville eindigde aan het eind van de jaren zestig".

Feit is dat ondanks de successen niet alles soepel verliep. De reden waarom zangeressen als Mary Wells, Brenda Holloway en Kim Weston vertrokken, was ruzie over contracten en royalties. Alle drie deden Motown met succes een proces aan. Ook toonaangevende producers en songschrijvers gingen weg. William "Mickey" Stevenson, die getrouwd was met Kim Weston, vertrok samen met haar in 1967. Het trio Holland-Dozier-Holland was ontevreden over royalties en over het gebrek aan artistieke vrijheid binnen Motown. Zij keerden het label begin 1968 de rug toe, namen songschrijver William Weatherspoon mee en begonnen hun eigen labels Invictus en Hot Wax. Zij bleven tot 1977 verwikkeld in rechtszaken tegen Motown over royalties.

Door het verlies van deze gezichtsbepalende hitmakers had Motown moeite om geschikt songmateriaal voor de artiesten te vinden. Deels werd daarin voorzien door de komst van het duo Nickolas Ashford en Valerie Simpson en door de vorming van componistenteams als The Clan en The Corporation. Ook ging het niet met alle artiesten goed. Er waren interne strubbelingen binnen The Temptations, die onder andere leidden tot het vertrek van zanger David Ruffin. Ook Marvin Gaye maakte een moeilijke periode door na het overlijden van zijn duo-partner Tammi Terrell, die op 24-jarige leeftijd bezweek aan een hersentumor. Jaren later maakte Gaye bekend dat Terrell bij het opnemen van haar laatste album met Gaye zo ziek was dat Valerie Simpson een deel van de opnames voor haar rekening nam. Simpson zelf heeft dit overigens met klem tegengesproken.

Het belangrijkste was het uiteenvallen van The Supremes. In 1967 werd Florence Ballard vervangen door Cindy Birdsong en veranderde Gordy de naam in Diana Ross and the Supremes. Het was een eerste stap naar een verdere solocarrière voor Diana Ross, die echt vorm kreeg toen zij in 1970 The Supremes verliet. Aan de opnamen van Diana Ross and the Supremes waren vaak toch al geen andere Supremes meer te pas gekomen. Zij waren dan vervangen door The Andantes, die ook regelmatig de plaats innamen van The Vandellas rond Martha Reeves en die het laatste Marvelettes-album rond Wanda Young voor hun rekening namen. De aandacht van Gordy voor Diana Ross, die jarenlang zijn minnares was en van wier oudste dochter hij later de vader bleek te zijn, leidde op geregelde tijden toch al tot wrijving bij andere Motown-artiesten, die zich achtergesteld voelden. Vooral de met ruzie vertrokken Mary Wells en Brenda Holloway, maar ook Gladys Knight in haar autobiografie hebben zich hierover scherp uitgelaten.

Met name in de hoogtijdagen werden Motown en Gordy herhaaldelijk publiekelijk verdacht van contacten met de georganiseerde misdaad, maar er werd nooit bewezen dat zaken wettelijk gezien niet door de beugel konden.Gordy zei later dat, hoewel hij onschuldig was, "het echt geen pretje was om door de FBI op het matje te worden geroepen".

Edwin Star

Rond 1970 leek Motown de tijdgeest te verstaan in de liedjes politieke onderwerpen toe te staan, wat tot dan toe taboe was geweest. Zo hebben War en Stop The War Now van Edwin Starr en het overigens weinig succesvolle I Should Be Proud van Martha Reeves & The Vandellas de Vietnamoorlog als onderwerp en komt in Ball Of Confusion (That's What The World Is Now) van The Temptations de rassensegregatie ter sprake. Zowel Smokey Robinson als Marvin Gaye nam het lied Abraham, Martin & John op. De laatstgenoemde toonde zijn maatschappelijke betrokkenheid ook met het baanbrekende album What's Going On, dat overigens pas werd uitgebracht nadat Berry Gordy lang had geprobeerd het tegen te houden. Dit is ook het enige album waarop de bijdragen van The Funk Brothers, essentieel voor vrijwel alle Motown-muziek, voluit in de credits worden vermeld.

Wordt vervolgd ...